| Het boek van de profeet Daniël

Volgens Hebreeuws gebruik is de titel ontleend aan de profeet die door het hele boek openbaringen van God ontving. Daniël overbrugt de volledige 70 jaar van de Babylonische ballingschap (ca. 605–536 v.Chr.; zie Daniël 1:1 en 9:1–3). Negen van de twaalf hoofdstukken hebben betrekking op openbaringen via dromen of visioenen. Daniël was Gods spreekbuis voor de heidense en joodse wereld en maakte Gods huidige en toekomstige plannen bekend. Wat Openbaring profetisch en apocalyptisch voor het 'Nieuwe Testament' is, is Daniël voor het 'Oude Testament'.

Verschillende verzen geven aan dat de schrijver Daniël is (Daniël 8:15, 27; 9: 2; 10:2,7; 12:4, 5), wiens naam betekent 'God is mijn Rechter'. Hij schreef in de autobiografische eerste persoon vanaf hoofdstuk 7:2, en is te onderscheiden van de andere drie Daniëls van het Oude Testament (vergelijk 1 Kronieken 3:1; Ezra 8:2; Nehemia 10:6).
Als tiener, mogelijk ongeveer 15 jaar oud, werd Daniël uit zijn adellijke familie in Juda ontvoerd en naar Babylon gedeporteerd om in de Babylonische cultuur te worden gehersenspoeld en om te helpen bij de omgang met de geïmporteerde Joden. Daar bracht hij de rest van een lang leven door (85 jaar of meer). Hij haalde het beste uit de ballingschap en verheerlijkte God met succes door zijn karakter en dienstbaarheid. Hij klom snel op tot de rol van staatsman door officiële koninklijke benoeming en diende als vertrouweling van koningen en als profeet in twee wereldrijken, namelijk de Babylonische (Daniël 2:48) en de Medo-Perzische (Daniël 6:1, 2). Christus bevestigde Daniël als de auteur van dit boek (vergelijk Mattheus 24:15).

Daniël leefde verder dan de tijd beschreven in Daniël 10:1 (ca. 536 v.Chr.). Het lijkt zeer waarschijnlijk dat hij het boek kort na deze datum maar vóór ca. 530 v.Chr. heeft geschreven. Daniël 2:4b–7 en 28 dat profetisch het verloop van de wereldgeschiedenis van de heidenen beschrijft, was oorspronkelijk en op de juiste wijze geschreven in het Aramees, destijds de taal van het internationale zakenleven. Ezechiël, Habakuk, Jeremia en Zefanja waren Daniëls profetische tijdgenoten.

Klik op deze link om terug te gaan.



Vrije christenen | 2021